Beleidsprioriteiten cultuur

Naar aanleiding van een gespreksronde met de cultuurraad schreef afdelingsvoorzitter Hans Keldermans volgende visietekst op cultuur.

Om de zes jaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Een verkiezing is geen revolutie. Gedurende de voorbije bestuursperiode gebeurden er goeie zaken op vlak van cultuur die wij mee ondersteunden en waren er punten waar wij andere accenten zouden leggen.

Een goed cultuurbeleid, een goed beleid in het algemeen, is gebouwd op stabiliteit en continuïteit.

Een programma van een partij vertrekt dus niet van een wit blad. Ons programma zal duiden waar wij andere prioriteiten leggen.

Cultuur is de drager/expressie van onze identiteit

Identiteit is moeilijk te omschrijven maar wel alomtegenwoordig en essentieel in een samenleving. Daarom moeten culturele activiteiten maximaal ondersteund worden en moeten er zoveel mogelijk Mechelaars bij culturele activiteiten betrokken worden.

Maar… in de politiek draait alles om de centen. Er wordt wel eens gezegd dat cultuur niet echt een ‘hot item’ is voor het Vlaams Belang en dat wij daarom drastisch zouden snoeien in het cultuurbudget. Ik kan jullie geruststellen: Het Vlaams Belang is voor het behoud van het totale cultuurbudget. Wat wij wél willen doen is het geld anders verdelen en wel zonder politiek correcte betutteling.

Ik zal de belangrijkste thema´s van de eerste gespreksronde met het bestuur van de cultuurraad overlopen en zal de visie van het Vlaams Belang omtrent die herverdeling toelichten.

Balans tussen investeren in infrastructuur versus investeren in inhoud

Er moet een goed evenwicht nagestreefd worden tussen infrastructuur en inhoud, personeel en ondersteuning van de verenigingen. Om de stabiliteit en de continuïteit te verzekeren is een uitbreiding van de infrastructuur voor veel verenigingen onontbeerlijk.

Er werden reeds grote investeringen gedaan (vb. kunstencentrum NONA) waar wij 100 procent achter staan. Maar niet enkel de professionele verenigingen met veel uitstraling moeten ondersteund worden.

Er moet meer geïnvesteerd worden in infrastructuur voor de kleinschalige amateurverenigingen.

Mei ‘68

Hetzelfde geldt voor investeren in inhoud. Mei ‘68 is 50 jaar geleden. De mei-68-ers hebben de voorbije decennia hun mars door de instellingen gemaakt. Het cultuurmarxisme domineert nu de culturele instellingen.

Het resultaat is een verstikkende hegemonie van links in de socioculturele sector, inclusief politiek correcte regelneverij. Als voorwaarde voor subsidies moeten alle verenigingen dwingende diversiteitsclausules accepteren met bijhorende actieplannen. Dat zorgt soms voor omgekeerd racisme.

In een actieplan dat voorgelegd werd aan een vereniging stond bijvoorbeeld letterlijk: Meer gekleurde mensen aantrekken… En hoe wordt dat dan gecontroleerd: met een kleurstaalkaart?

Dat wist men niet te vertellen. Op mijn initiatief, en na dreiging met een klacht werd deze specifieke anomalie afgevoerd. Het is slechts één voorbeeld.

Vele verenigingen willen of kunnen zich simpelweg niet schikken naar deze politiek correcte regelneverij. Op termijn zal deze politiek dan ook leiden tot een verdeeld landschap van rijke, goed gesubsidieerde organisaties die in de pas lopen versus armere verenigingen. Het Vlaams Belang vindt dat dit niet kan.

Superioriteit

De kosmopolitische culturele elite voelt zich moreel en intellectueel superieur en heeft te weinig oog voor haar wortels, ja wil er zelfs van af! Voor de gewone man heeft de cultuursector een te elitair karakter ten gevolge van die denigrerende houding. Wij zijn er van overtuigd dat veel Vlamingen de schaduw van mei ´68 weg willen.

Om meer cultuurparticipatie te genereren vanuit de basis en de eigenheid van onze cultuur te behouden moet de verdeling van het subsidiebudget ook hier herbekeken worden.

Samengevat moeten voor het Vlaams Belang professionele verenigingen, die reeds veel kregen en waarvan sommigen zelfs aan het infuus van betoelaging liggen, minder gesubsidieerd worden ten voordele van amateurverenigingen, zowel op vlak van infrastructuur als op vlak van inhoudelijke ondersteuning.

Volkscultuur, kleine amateurverenigingen die nog altijd de basis vormen van de cultuurbeleving moeten opgewaardeerd worden los van politiek correcte dictaten.

Bovendien kan de zichtbaarheid voor de wortels van onze identiteit beter.
Een goed advies van de cultuurraad is hier bv. het realiseren van een vaste stek voor belangrijke Mechelse kunstenaars en beroemde, maar nagenoeg verdwenen Mechelse beroepen en (kunst)ambachten.

Infrastructuur

De cultuurraad polste ook naar onze houding ten overstaan van infrastructuur betreffende het realiseren van een Huis van de verenigingen en een grote podiumzaal. Een stad als Mechelen heeft nood aan een grote podiumzaal.
Wij steunen concrete plannen in die richting .

De nieuwe bibliotheek kan dan weer een uitgelezen stek worden voor het Huis van de verenigingen waar plaats is voor meer kleinschalige projecten zoals bijvoorbeeld voordrachten en boekvoorstellingen.

Verder is het evident dat er ruime aandacht besteed wordt aan de fysieke toegankelijkheid van cultuursites.

De cultuurraad vraagt ook de nabijheid van openbaar vervoer met voldoende frequentie bij bestaande en nieuw te bouwen gebouwen bestemd voor culturele activiteiten. Hiermee gaan wij volledig akkoord maar wij denken dat in de eerste plaats werk moet gemaakt worden van de gebrekkige algemene basismobiliteit in Mechelen.

De algemene basismobiliteit moet verbeteren om zo ook cultuurbeleving voor iedereen meer toegankelijk te maken.

Multicultuur

Ik trap een open deur in als ik zeg dat het Vlaams Belang een unieke visie heeft op de multiculturaliteit in onze stad.

We leven in een multi-etnische realiteit. Zeker in stedelijke agglomeraties is dit een zichtbaar gegeven. Daar hebben wij geen probleem mee. De meerwaarde van de multiculturele maatschappij daarentegen is een utopie.

We worden dagelijks geconfronteerd met de grenzen van een droom die meer en meer op een nachtmerrie lijkt.

Verval van de sociale cohesie, het ontstaan van een parallelle samenleving, radicalisering, terrorisme, plunderingen en brandstichting, geïmporteerde armoede… De lijst van ontsporingen wordt eindeloos.

De onhoudbare druk op de sociale zekerheid en op de financiën in het algemeen door de hypermigratie zorgt bovendien ook voor druk op het cultuurbudget.

De politieke en culturele elite wil de realiteit niet zien. Ze lijdt aan “cognitieve dissonantie”. Hoe meer de multiculturele droom als een kaartenhuisje in elkaar valt, hoe meer de zelfverklaarde elite haar ogen sluit voor de werkelijkheid en krampachtig tracht haar eigen imaginaire werkelijkheid te creëren.

Zo besliste de Vlaamse Gemeenschapscommissie om meer Arabische boeken aan de bibliotheek toe te voegen om meer jongeren van Arabische origine naar de bib te loken.

In de gemeenteraad van november lanceerde Tom Kestens (Groen) een gelijkaardig voorstel om de collectie van de Mechelse Bib aan te passen aan de demografie van de stad. En kijk reeds naar de resultaten in Brussel: een paar weken terug zakten een aantal jongeren van de doelgroep massaal af naar de Nederlandstalige bibliotheek op het Muntplein en deden ze zelfs hun best om ondanks de gesloten deuren binnen te geraken!

Alle gekheid op een stokje…
De adviezen, die we voorgelegd kregen tijdens het gesprek met het bestuur, om in te zetten op moeilijk bereikbare groepen, zijn een schoolvoorbeeld van “wegkijken en aanpassen”.
Het doel mag dan goed zijn – meer Mechelaars bereiken – de inhoud en voorgestelde acties verraden dat het om een dwingend ideologisch dictaat gaat.

Ik lees onder andere: De stedelijke cultuurprogrammatie dient aangepast. De cultuurcommunicatie dient aangepast aan wie een andere moedertaal heeft. Om de deelname van allochtonen aan culturele evenementen te vergroten moet de autochtone Mechelaar zich aanpassen aan de behoeften van de nieuwe mogelijke cultuurparticipanten. (letterlijk: we moeten vermijden dat ons denken en handelen met een blanke/westerse bril gebeurt.)

Nochtans…
Mechelaars van verschillende origine laten participeren lukt nu reeds prima, behalve voor één welbepaalde groep, namelijk de moslimgemeenschap. Vele moslims kiezen zelf voor die “apartheid”.

De u misschien bekende Youssef Kobo (CD&V) tweette onlangs als vergoelijking voor de rellen in Brussel dat jongeren zich hier niet thuis voelen omdat ze niet geaccepteerd worden. Quasi onmiddellijk kwam er reactie van jongeren, met verschillende andere achtergronden dan de islamitische, die vonden dat ze hier alle kansen kregen om zich te ontplooien en dat wel naar waarde konden schatten.

Wat die jongeren wel benadrukten was dat men kansen moet willen grijpen.

De vraag die er toe doet is hier niet: “Hoe bereiken we de moslimgemeenschap?” De vraag is :“Willen ze wel bereikt worden?”

Moslims blijven opvallend afwezig bij het cultuurgebeuren in Mechelen, behalve wanneer de werking volledig op hun maat geschreven is. (J@M, ROJM)
In het geval van ROJM wordt dit zelfs letterlijk toegegeven in het document met de adviezen waarvan sprake: “samenwerking is positief maar beperkt in doelpubliek”

Enerzijds worden de moslims dus benaderd als hulpeloze kleuters die aan het handje overal naartoe geleid dienen te worden, anderzijds moeten de autochtone Mechelaars zich aanpassen aan hun leefwereld. Nochtans ligt de oorzaak van het niet-participeren van moslims juist bij het feit dat zij zelfbewuste mensen zijn die “de maaltijd geproefd hebben maar ze niet lusten”.
Een mooi voorbeeld hiervan werd onlangs nog gegeven op Radio 1, waar Ruth Joos werd geconfronteerd met de ex-rapper Tounssi. Tounssi is een zelfbewuste jongeman, een rolmodel voor velen en zeker geen “prediker in de woestijn”. Hij deed in vlekkeloos Nederlands uit de doeken waarom hij niets met onze samenleving en decadente cultuur wil te maken hebben. Maar de overheid blijft royaal.

Een goed voorbeeld van de naïeve vrijgevigheid van de Vlaamse overheid is de gul gesubsidieerde socio-culturele koepelorganisatie VOEM (Vereniging voor ontwikkeling en emancipatie van moslims) die over heel Vlaanderen een 70-tal op zich gesubsidieerde lidverenigingen heeft (In Mechelen: “AL Minara”, De Vuurtoren, die moslima´s en vooral bekeerlingen bijstaat met raad en daad).
VOEM liet onlangs in Antwerpen in een overheidsgebouw de radicale prediker Ali Houri spreken.

De man heeft niet minder dan 30.000 volgers op facebook. Hij verkondigde o.a. dat het beluisteren van muziek haram is. Over ontwikkeling en emancipatie gesproken…

VOEM ontving in 2017 240.000 euro en zal in 2018 280.000 euro aan subsidies ontvangen alhoewel deze invloedrijke “koepelvereniging” niet bepaald de “knuffelislam” verspreidt die de struisvogels zich dromen.

Moet de samenleving zich hieraan aanpassen? Wij denken van niet.
Aanpassing leidt tot meer eisen en tot steeds meer en nog meer aanpassing.
Tot op termijn de oorspronkelijke cultuur vervaagt en vervangen wordt door een andere.

Wat wél te doen?

Wij moeten moslims benaderen als een zelfbewuste groep binnen onze samenleving met wie we de intellectuele confrontatie moeten aangaan zonder een zelfgekozen apartheid te subsidiëren en zonder onze instellingen, communicatie en cultuurbeleid aan te passen. De intellectuele confrontatie zonder taboes is de enige weg voorwaarts.

Er zijn natuurlijk mensen binnen de moslimgemeenschap die op een open, filosofische manier met hun godsdienst omgaan maar die helpen we zeker niet, we laten deze pioniers zelfs in de steek door de grote groep traditionele gelovigen steeds meer te ondersteunen.

Hoe dan wel?

Er zijn goede voorbeelden. Die brengen ons bij Jongeren en cultuur

Een voorbeeld van hoe het goed kan en goed loopt zijn de projecten “Artenova” en “H3O”. Op een laagdrempelige manier worden infrastructuur en begeleiding aangeboden voor jonge kunstenaars (Artenova) en mensen die hun weg zoeken in de wereld van de media (H3O).

Een goede infrastructuur, weinig kosten en degelijke begeleiding zonder keurslijf. Meer hebben jongeren niet nodig om hun talenten te ontplooien.

Wij pleiten voor een verschuiving van het budget voor meer dergelijke initiatieven ten koste van de zogenaamde doelgroepenverenigingen die in de praktijk meestal exclusief op moslimjongeren gericht zijn en die hen in een keurslijf van apartheidsdenken dwingt.

Stadsevenementen

Een laatste vraag betreft de rol van de cultuurraad in het cultuurbeleid en de rol van de raad in het organiseren van grote stadsevenementen.

De cultuurraad stelt bepaalde prioriteiten en geeft deze via adviezen door aan het beleid. Dat moet de belangrijkste rol van de cultuurraad blijven.

De rol van de cultuurraad mag niet dwingend of controlerend worden. De cultuurraad is niet verkozen door de Mechelaars. De eindbeslissing blijft bij de politiek. Zo werkt nu eenmaal een democratie.

Niettemin heeft de cultuurraad de vinger aan de pols via de verenigingen en kan ze een grotere inspirerende rol spelen.

Bijvoorbeeld binnen het autonoom gemeentebedrijf Mechelen Actief in Cultuur (AGB MAC) moet de inspraak van de cultuurraad volgens ons meer doorwegen, vooral bij de inhoudelijke invulling van grote stadsevenementen.

Zo werd voor het festival ‘Recht op Recht’ een dure intendant aangesteld die met niet minder dan 25 procent van het totale budget voor het festival aan de haal ging voor persoonlijke vergoedingen en onkosten.

Deze Bobo gaf het programma voor een groot deel een uitgesproken politieke, uiterst linkse, invulling.

Zo ging onevenredig veel aandacht naar de rechten van illegale migranten en naar een pleidooi voor afschaffing van de grenzen. Weinig of geen aandacht ging naar het spanningsveld tussen de verschillen in denken over recht en rechtspraak in onze samenleving en de impact daarvan.

De toenemende invloed van de Sharia als parallelle rechtspraak in onze samenleving was bijvoorbeeld een relevant onderwerp geweest maar de discussie hierover lijkt wel taboe.

Politiek mag zich niet inhoudelijk moeien met kunst zoals in een dictatuur. Akkoord, maar… Het is in dit geval de intendant die zijn politieke wil opdringt door grotendeels uiterst linkse geëngageerde kunst uit te kiezen. Spijtig genoeg wordt een ambitieus stadsfestival zo een gemiste kans.

Wij denken dat een volwaardige inbreng van meer lokale verenigingen en de cultuurraad wellicht enkele taboes had kunnen doorbreken.

Samengevat

Ik lijst nog even zeven belangrijke punten voor het Vlaams Belang inzake cultuurbeleid op.

– Volkse, amateuristische en kleinschalige cultuurbeleving herwaarderen.

– Geen zelfgekozen apartheid subsidiëren.

– Laagdrempelige initiatieven ondersteunen voor alle (jonge) Mechelaars.

– Groen licht voor een grote podiumzaal.

– Algemene basismobiliteit verbeteren.

– Cultuurraad is een adviesorgaan maar moet meer inspraak krijgen bij het organiseren van grote stadsevenementen.

– Minder elitaire cultuur en meer cultuur van en voor alle Mechelaars die er willen bij horen.

Hans Keldermans

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in ...