Op kosten van ’t gemeen…

 

Een groot déjà vu-gevoel bij de begroting 2017 van de gemeente Puurs. In tegenstelling tot wat de burgemeester beweert is het budget niet gezond. Immers, het resultaat van het boekjaar vertoont een negatief saldo van 1,3 miljoen euro voor de gemeente, van 300.000 euro voor het AGB en van 400.000 euro voor het OCMW. En 2018 wordt dat nog eens gedeeltelijk overgedaan. Puurs geeft dus meer uit dan de gemeente binnenkrijgt. Men kan daarvoor nog even op de overschotten van de vorige jaren teren om dat te compenseren, maar op het einde van deze legislatuur zullen die reserves min of meer op nul staan.

Als men als maatstaf de autofinancieringsmarge neemt (de mate waarin de gemeente in staat is de schulduitgaven te financieren met exploitatieoverschotten), dan is de begroting op zich ongeveer op orde, althans voor de gemeente, maar niet voor het OCMW en nauwelijks voor het AGB. Die autofinancieringsmarge kan evenwel maar op orde worden gehouden door daar op een aantal vlakken een flinke prijs voor te betalen. Er is zoals bekend de hoge belastingdruk. De laatst beschikbare bestuurskrachtmonitor geeft cijfers tot 2014, maar voor dat jaar bedroeg die druk in Puurs 1128 euro per inwoner, tegen een Vlaamse gemiddelde van 857 euro. Er is geen redenen om aan te nemen dat die verhouding drie jaar later fundamenteel anders ligt. De schuldenlast gaat de komende jaren bovendien opnieuw de hoogte in tot 42,4 miljoen in 2019. Dat betekent dat elk Puurs’ gezin naast de hoge belastingdruk ook nog eens wordt opgezadeld met een schuldenlast van 5.883 euro in 2019. De lasten worden dus afgeschoven op de komende generaties. Het derde klassieke pijnpunt is het hoge investeringsritme ingevolge de onstuitbare drang om een aantal prestigeprojecten te verwezenlijken. In Puurs wordt 430 euro per inwoner uitgegeven aan investeringsuitgaven, daar waar het gemiddelde in Vlaanderen 287 euro bedraagt. Daarmee bevindt de gemeente zich 50% boven het Vlaamse gemiddelde. Natuurlijk zijn investeringen noodzakelijk en zijn een goed onderhoud van de infrastructuur en de opwaardering van onze dorpskernen een goede zaak, maar prestigeprojecten zoals de grootschalige herbouw van het CC, het sportpark aan de Lichter en het Landschapspark aan het Fort van Liezele, zijn er teveel aan. Het zijn immers juist dit soort prestigeprojecten die de begrotingen, de schuldenlast en de belastingdruk bezwaren. Op kosten van ’t gemeen, zoals het volk op het einde van de middeleeuwen door de begoede standen werd genoemd.

 

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in ...